Met of zonder recept

Dit medicijn is uitsluitend op recept verkrijgbaar (= UR-geneesmiddel).

Registratienummer (RVG-nummer)

RVG 20862-3
RVG 26661

Werkzame stof

Venlafaxine

Geneesmiddelgroep

SSRI's (= specifieke serotonine-heropname-remmers)

Samenstelling

Capsules met gereguleerde afgifte ('XR'): 75 mg of 150 mg venlafaxine-hydrochloride per capsule

Tabletten: 37,5 mg of mg venlafaxine-hydrochloride per tablet

Fabrikant/Leverancier

Wyeth Pharmaceuticals BV

Wanneer gebruiken? Toepassingen (= indicaties) o.a.

Angst-stoornissen, kort durende behandeling van gegeneralizeerde (= bang voor alles) angst-stoornissen

Depressie, vooral die met vitale kenmerken.

Algemeen

Lees ook de bijsluiter voor informatie over de toepassing van dit medicijn.

Wanneer niet gebruiken?

Myocardinfarct, tijdens de herstelfase

Overgevoeligheid of allergie voor de werkzame stof (= venlafaxine), andere tricyclische antidepressiva of een van de hulpstoffen in dit medicijn

Zwangerschap en borstvoeding

Dit medicijn niet gebruiken tijdens de zwangerschap (tenzij de arts anders voorschrijft).

Borstvoeding

Tijdens gebruik van dit medicijn geen borstvoeding geven .

Algemeen

Sommige medicijnen kunnen een schadelijke invloed hebben op het verloop van de zwangerschap of op de ongeboren vrucht. Van veel medicijnen is dat echter nog niet precies bekend.

Heel wat wat medicijnen komen in de moedermelk terecht en bereiken zo de zuigeling.
Gebruik daarom tijdens zwangerschap of borstvoeding alleen medicijnen op doktersrecept.

Vertel ook een vervangende arts of een medisch specialist wanneer u van plan bent zwanger te worden, al zwanger bent of borstvoeding geeft. Hiermee kunt u voorkómen dat u medicijnen krijgt voorgeschreven, die niet mogen worden gebruikt tijdens zwangerschap of borstvoeding.

Raadpleeg eerst uw arts wanneer u van plan bent tijdens de zwangerschap of borstvoeding oude medicijnen, zelfzorg-medicijnen of alternatieve middelen te gebruiken.

Lees ook de patiëntenbijsluiter voor informatie over het gebruik van dit medicijn tijdens zwangerschap of borstvoeding.

Verkeer, werk en sport


Dit medicijn kan als mogelijke bijwerkingen o.a. een negatieve invloed op uw reactie- en concentratievermogen hebben en duizeligheid , slaperigheid en gezichtsstoornissen veroorzaken.
Hiervan kunnen allerlei dagelijkse activiteiten, zoals bezigheden in en rond het huis, deelname aan het verkeer en het bedienen of besturen van machines, ernstige hinder ondervinden.



Hoe werkt het?

De werkzame stof in dit medicijn heeft een gunstig effect op de werking van bepaalde hersenstoffen. Deze hersenstoffen (= neurotransmitters) spelen o.a. een belangrijke rol bij de hersenfuncties die onze stemming bepalen. Verstoring van de balans van deze stoffen kan depressie veroorzaken.

Algemeen

Lees ook de patiëntenbijsluiter voor informatie over de werking van dit middel.

Bijwerkingen

Buikpijn

Dromen, abnormale

Duizeligheid, o.a. bij plotseling opstaan (= orthostatische hypertensie)

Eetlust, verminderde (= anorexie)

Gewichtstoename

Gewichtsverlies

Griepachtige verschijnselen

Hart- en vaatklachten

Hoofdpijn

Huiduitslag

Gezichtsstoornissen

Lichaamszwakte (= asthenie)

Manie

Menstruatiestoornis (dysmenorroe)

Misselijkheid

Nervositeit

Opwinding (= agitatie)

Ractie- en concentratievermogen, verminderd

Rugpijn

Seksuele stoornissen (o.a. ejaculatie- en orgasme-stoornis, impotentie)

Slaperigheid

Urinelozing, toegenomen

Verwardheid

Voorhoofdsholte-ontsteking (= sinusitis)

Zweten (= transpiratie)

Wisselwerkingen

Alcohol (bij voorkeur niet combineren)

Haloperidol (= Haldol®)

MAO-remmers

Hoe te gebruiken?

Zie etiket en de gebruiksaanwijzing in de bijsluiter van de verpakking.

Capsules/tabletten bij voorkeur op hetzelfde tijdstip van de dag -bijvoorbeeld tijdens de maaltijd- met wat water of vloeistof heel innemen.

Hoe te bewaren?

In de verpakking bij kamertemperatuur.

Medicatietrouw

In de praktijk wordt méér dan 50% van alle antidepressiva niet, onvoldoende of verkeerd gebruikt! Het gebruik van antidepressiva heeft echter alleen zin wanneer ze correct worden gebruikt. Dat wil zeggen nauwkeurig volgens het voorschrift van de arts.

Wanneer u geen of te weinig medicijn gebruikt (= onderdosering), kunnen de klachten langer aanhouden dan nodig is, verergeren of later weer terugkeren (= recidiveren).

Wanneer u te veel medicijn gebruikt (= overdosering), kan dat leiden tot ongewenste bijwerkingen en zelfs tot ziekenhuisopname. Gebruik dus nooit méér dan de voorgeschreven hoeveelheid.

Vraag uw arts of apotheker om uitleg als u niet precies weet hoe u uw medicijnen moet gebruiken of wanneer u dat bent vergeten.

Zelf combineren van medicijnen

Combineer recept-medicijnen niet op eigen initiatief met oude medicijnen, die u heeft bewaard, of met zelfzorg-medicijnen. Dit kan namelijk leiden tot ongewenste wisselwerkingen (= interacties).


Vraag eerst advies aan uw arts of apotheker als u naast de medicijnen van de dokter nog andere medicijnen wilt gebruiken.

Vertrouwen in de medicijnen

Voor een goed resultaat is het van groot belang dat u vertrouwen heeft in de medicijnen die u krijgt. Wanneer u denkt dat u het verkeerde medicijn heeft gekregen, bang bent voor bijwerkingen of denkt dat de medicijnen die u heeft gekregen niet helpen, kan dat uw vertrouwen in de medicijnen ernstig ondermijnen.

Bespreek eventuele problemen met betrekking tot uw medicijnen altijd met uw arts of apotheker. Deze kunnen dan uw ongerustheid weg nemen of bekijken of u misschien andere medicijnen nodig heeft.

Medicatiebegeleiding

Gebruik dit medicijn zo nauwkeurig mogelijk volgens voorschrift . Doe dat ook wanneer de werking u aanvankelijk tegenvalt of wanneer u (geringe) last denkt te hebben van één of meer van de bekende bijwerkingen (zie bijsluiter).

Het is normaal dat de werking pas na 2-4 weken merkbaar wordt. Vóór die tijd kunnen soms wel al bijwerkingen optreden. U moet in dat geval wél doorgaan met het gebruik van dit medicijn! Wanneer u (te) veel last heeft van bijwerkingen en wilt stoppen met het gebruik, moet u contact opnemen met uw arts.

Wanneer u een dosis vergeten bent, kunt u die alsnog innemen. De volgende dosis moet u dan de dag daarna weer innemen. Daarna gaat u volgens voorschrift door met het gebruik.

Dit medicijn moet na het verdwijnen van de depressie vaak nog lang worden gebruikt om de kans op terugkeer van de depressie te verkleinen. U moet dus niet stoppen met het gebruik als de depressieve klachten zijn verdwenen!

Wanneer u het gebruik van dit medicijn tijdelijk staakt kunnen zich vervelende bijverschijnselen voordoen (= afkick-verschijnselen). Vergeet dit medicijn daarom nooit mee te nemen wanneer u een weekendje weg, op zakenreis of met vakantie gaat.

Bij stoppen moet de dosering over een periode van 2-4 weken geleidelijk worden verminderd om onttrekkingsverschijnselen (o.a. angst, slaapproblemen, opwinding) te voorkómen. Raadpleeg altijd eerst uw huisarts, psychiater en/of psychotherapeut als u wilt stoppen met het gebruik van dit medicijn.

Bespreek uw ervaringen en eventuele problemen met dit medicijn regelmatig met uw arts en psychotherapeut. Vertel hen ook of u wél of niet tevreden bent met het voorgeschreven medicijn. Als dat niet het geval is, kan worden bekeken of de dosis moet worden aangepast of dat u een ander medicijn nodig heeft.

Als u niet (meer) weet hoe u dit middel moet gebruiken of problemen heeft met het innemen, kunt u dat het beste met de apotheker bespreken.

Vergoeding of zelf betalen?

Dit medicijn is alleen op doktersrecept verkrijgbaar en wordt daarom vergoed volgens de daarvoor geldende regels van de overheid en uw zorgverzekeraar .

Vraag uw arts, apotheker of zorgverzekeraar zo nodig om nadere informatie over de vergoeding van uw medicijnen.

Meer informatie

Bijsluiter van Efexor®

Bijzonderheden

Geen

Overdosering

(Wij beschikken momenteel niet over informatie aangaande de mogelijke verschijnselen na
overdosering met dit medicijn.)

Bijsluiters

Efexor