Met of zonder recept

Dit medicijn is zonder recept verkrijgbaar (= niet-recept- = NR- = OTC-geneesmiddel) bij apotheek of drogist.

Registratienummer (RVG-nummer)

RVG 113869

Werkzame stof

Paracetamol en coffeine

Geneesmiddelgroep

Eenvoudige pijnstillers (= eenvoudige analgetica)

Samenstelling

Tabletten met 500 mg paracetamol en 50 mg coffeine.

Fabrikant/Leverancier

Imgroma B.V.

Wanneer gebruiken? Toepassingen (= indicaties) o.a.

Hoofdpijn

Kiespijn

Koorts

Pijn en koorts bij griep en verkoudheid

Pijn en koorts na inenting (vaccinatie)

Menstruatiepijn

Spierpijn

Lage rugpijn (o.a. spit)

Zenuwpijn

Algemeen

Lees ook de bijsluiter voor informatie over de toepassing van dit medicijn.

Wanneer niet gebruiken?

Overgevoeligheid of allergie voor dit medicijn of voor een of meer van de bestanddelen.

Zwangerschap en borstvoeding

De werkzame stof passeert de placenta en komt zo in de nog ongeboren vrucht terecht. Kortdurende gebruik tijdens de zwangerschap lijkt echter relatief veilig te zijn.

Borstvoeding

Dit middel gaat over in de moedermelk. Gebruik tijdens de periode van borstvoeding lijkt relatief veilig te zijn.

Algemeen

Sommige medicijnen kunnen een schadelijke invloed hebben op het verloop van de zwangerschap of op de ongeboren vrucht. Van veel medicijnen is dat echter nog niet precies bekend.

Heel wat wat medicijnen komen in de moedermelk terecht en bereiken zo de zuigeling.
Gebruik daarom tijdens zwangerschap of borstvoeding alleen medicijnen op doktersrecept.

Vertel ook een vervangende arts of een medisch specialist wanneer u van plan bent zwanger te worden, al zwanger bent of borstvoeding geeft. Hiermee kunt u voorkómen dat u medicijnen krijgt voorgeschreven, die niet mogen worden gebruikt tijdens zwangerschap of borstvoeding.

Raadpleeg eerst uw arts wanneer u van plan bent tijdens de zwangerschap of borstvoeding oude medicijnen, zelfzorg-medicijnen of alternatieve middelen te gebruiken.

Lees ook de patiëntenbijsluiter voor informatie over het gebruik van dit medicijn tijdens zwangerschap of borstvoeding.

Verkeer, werk en sport

Dit medicijn heeft voor zover bekend bij gebruik volgens voorschrift geen invloed op het reactie-, concentratie- en gezichtsvermogen.

Hoe werkt het?

Paracetamol vermindert pijn (= analgetische werking) en onderdrukt koorts (= antipyretische werking). De werking van paracetamol is niet precies bekend. Mogelijk remt deze stof de productie van prostaglandinen in het centrale zenuwstelsel.

De pijnstillende en koortsverlagende werking begint na 15-30 min en duurt ca. 3-5 uur.

Algemeen

Lees ook de bijsluiter in de verpakking voor informatie over de werking van dit zelfzorg-medicijn.

Bijwerkingen

Bloedbeeld-veranderingen

Huidreacties, allergische

Leverbeschadiging, na hoeveelheden van 6 gram of meer per keer of chronisch gebruik van 3-4 g per dag.

Nierontsteking (= nefritis), na langdurig gebruik

Overgevoeligheid voor dit middel of andere middelen die paracetamol als werkzame stof bevatten

Wisselwerkingen

Actieve kool (o.a. Norit®)

Alcohol

Bloedstolling-remmende medicijnen (= orale anti-coagulantia = 'bloedverdunners' = 'trombose-middelen'

Colestyramine (= Questran®)

Zidovudine (= Retrovir AZT®)

Hoe te gebruiken?

Zie etiket en/of de gebruiksaanwijzing in de bijsluiter.

De tabletten in ruim water uiteen laten vallen, goed roeren en opdrinken.

De tabletten voor kinderen zo nodig fijnmaken en met wat voedsel of vloeistof mengen.

Voor een snellere werking de (kauw)tabletten op de nuchtere maag innemen.

De zetpillen via de anus inbrengen.

Kauwtabletten/Tabletten, gebruikelijke dosering:

Kinderen van 3-12 maanden: 4-6 x per dag 60 mg paracetamol.
NB. Tenminste 4 uur wachten tussen de NB. Niet langer dan 2 dagen gebruiken.

Kinderen van 1-2 jaar: 4-6 x per dag 120 mg paracetamol.
NB. Tenminste 4 uur wachten tussen de NB. Niet langer dan 2 dagen gebruiken.

Kinderen van 2-4 jaar: 4-6 x per dag 120-180 mg paracetamol.
NB. Tenminste 4 uur wachten tussen de NB. Niet langer dan 2 dagen gebruiken.

Kinderen van 4-6 jaar: 4-6 x per dag 180 mg paracetamol.
NB. Tenminste 4 uur wachten tussen de opeenvolgende doseringen.

Kinderen van 6-9 jaar: 4-6 x per dag 240-250 mg paracetamol.
NB. Tenminste 4 uur wachten tussen de opeenvolgende doseringen.

Kinderen van 9-12 jaar: 4-6 x per dag 360-375 mg paracetamol.
NB. Tenminste 4 uur wachten tussen de opeenvolgende doseringen.

Volwassenen en kinderen ouder dan 12 jaar: 500-1000 mg (= 0,5-1 gram) paracetamol per keer tot maximaal 4 gram per dag bij kortdurende gebruik en tot maximaal 2 gram per dag bij chronisch gebruik.

Zetpillen, gebruikelijke dosering:

Kinderen van 3-12 maanden: 2-3 x per dag 120-125 mg paracetamol.
NB. Tenminste 4 uur wachten tussen de opeenvolgende doseringen.
NB. Niet langer dan 2 dagen gebruiken.

Kinderen van 1-2 jaar: 2-3 x per dag 240-250 mg paracetamol.
NB. Tenminste 4 uur wachten tussen de opeenvolgende doseringen.
NB. Niet langer dan 2 dagen gebruiken.

Kinderen van 2-4 jaar: 3 x per dag 240-250 mg paracetamol.
NB. Tenminste 4 uur wachten tussen de opeenvolgende doseringen.
NB. Niet langer dan 2 dagen gebruiken.

Kinderen van 4-6 jaar: 4 x per dag 240-250 mg paracetamol.
NB. Tenminste 4 uur wachten tussen de opeenvolgende doseringen.

Kinderen van 6-9 jaar: 2-3 x per dag 500 mg paracetamol.
NB. Tenminste 4 uur wachten tussen de opeenvolgende doseringen.

Kinderen van 9-12 jaar: 3 x per dag 500 mg paracetamol.
NB. Tenminste 4 uur wachten tussen de opeenvolgende doseringen.

Kinderen van 12-15 jaar: 2-3 x per dag 1000 mg paracetamol.
NB. Tenminste 4 uur wachten tussen de opeenvolgende doseringen.

Volwassenen en kinderen ouder dan 15 jaar: 500-1000 mg (= 0,5-1 gram) paracetamol per keer tot maximaal 4 gram per dag bij kortdurende gebruik en tot maximaal 2 gram per dag bij chronisch gebruik.

Hoe te bewaren?

In de originele verpakking bij kamertemperatuur.

Medicatietrouw

In de praktijk wordt maar liefst 50% van alle medicijnen niet, onvoldoende of verkeerd gebruikt!

Ook het gebruik van zelfzorg-medicijnen is alleen zinvol wanneer u ze gebruikt volgens het voorschrift van de bijsluiter.

Wanneer u te weinig gebruikt van dit zelfzorg-medicijn (= onderdosering), kan het zijn dat het niet of onvoldoende werkt.

Wanneer u te veel gebruikt van dit zelfzorg-medicijn (= overdosering), kan dat leiden tot ongewenste bijwerkingen of zelfs tot ziekenhuisopname.

Vraag uw apotheker of drogist altijd om nadere uitleg als u de bijsluiter niet goed begrijpt, twijfelt aan de werking of andere vragen heeft over dit zelfzorg-medicijn.

Zelf combineren van medicijnen

Combineer recept-medicijnen niet op eigen initiatief met oude medicijnen, die u heeft bewaard, of met zelfzorg-medicijnen. Dit kan namelijk leiden tot ongewenste wisselwerkingen (= interacties).

Vraag eerst advies aan uw arts of apotheker als u naast de medicijnen van de dokter nog andere medicijnen wilt gebruiken.

Vertrouwen in de medicijnen

Voor een goed resultaat is het van groot belang dat u vertrouwen heeft in de zelfzorg-medicijnen die u gebruikt. Wanneer u dat niet heeft, kunt u ze beter niet gebruiken. Vraag dan uw arts, apotheker of drogist om advies.

Bespreek eventuele problemen met het gebruik van zelfzorg-medicijnen met uw apotheker of drogist.

Medicatiebegeleiding

Gebruik dit zelfzorg-medicijn nauwkeurig volgens het voorschrift op het etiket of in de bijsluiter van de verpakking.

Wijk niet af van het voorschrift wanneer de werking u tegenvalt. Overleg altijd eerst met uw arts, apotheker of drogist als u van het voorschrift wil afwijken.

Raadpleeg uw (huis)arts of apotheker als dit zelfzorgmiddel na enkele dagen geen of onvoldoende effect heeft.

Vergoeding of zelf betalen?

Zelfzorg-medicijnen zonder recept worden niet vergoed door de zorgverzekeraars.

Zelfzorg-medicijnen op recept worden meestal niet vergoed. Sommige zorgverzekeraars hebben echter zelfzorg-medicijnen opgenomen in het zorgpakket.

Neem zo nodig contact op met uw zorgverzekeraar om nadere informatie over de vergoeding van zelfzorg-medicijnen.

Meer informatie

Lees de bijsluiter zorgvuldig

Bijzonderheden

De kauwtablet bevat aspartaam/fenylalanine als zoetstof.

Overdosering

Verminderde eetlust (anorexie), misselijkheid, braken, ziek gevoel (malaise), leverbeschadiging met o.a. geelzucht (= icterus), nierbeschadiging